Bij de meeste mensen is na het Balatonmeer, de Poesta (Puszta) het bekendste
gebied van Hongarije dat men kent. Het Hongaarse woord Puszta betekent eigenlijk
leeg, verlaten of vlakte. In de zomer maanden is het er anders niet echt leeg,
want dan komen vele toeristen uit de hele wereld deze bijzondere, aantrekkelijke
vlaktes bekijken. Iedereen kent wel het beeld van Hongaarse grazende grijze
ossen. De grote rivier de Tisza is in de loop der jaren van kronkelige rivier
terug gebracht met 450 kilometer tot een meer bevaarbare rechte rivier. Hierdoor
zijn grote beschermde overstromingsgebieden ontstaan en deze zijn bij uitstek
geschikt voor een veelzijdige flora en fauna. Enkele bekende beschermde reservaten
zijn "het Nationaal Park van de Kiskunság, het "het Arboretum
van Kiskunság"en de streken Pusztaszer, Mártély en
de poesta's van Pitvaros. De UNESCO heeft het 35 duizend ha grote gebeid van
het Nationaal Park van de Kiskunság tot een bioferisch reservaat verklaard.
In Bugac op de poesta zijn dagelijks paardendemonstraties en kunt u het grijze
rund zien. In het herdersmuseum krijgt u een goede indruk hoe de herders vroeger
leefden. Een andere wereldberoemde poesta is "Nationaal Park Hortobágy".
In het dorpje Hortobágy is de Negenbogenburg over het riviertje Hortobágy,
de uit 1699 stammende Nagycsárda en het Herdersmuseum. Tijdens een huifkartocht
over de poesta ziet men kuddes grijze runderen, de waterput, schapen met gedraaide
horens en de Hongaarse herdershond van het ras Pumi of Puli. Bezienswaardig
in de plaats Kecskemét zijn de pleinen Szabadság en Kossuth tér,
het Cifra Paleis met een schilderijen collectie, het Raadhuis. In Gyula is een
intact gebleven middeleeuwse baksteen burcht. In Szeged wordt elke jaar in zomer
op het Domplein voor de Dom Szeged het openluchtfestival gehouden. In Debrecen
is het Grote Bos (Nagyerdö) zeer de moeite waard. Hier zijn vele faciliteiten
voor recreatie, medische handeling, sport en vermaak.
In Hajdúszoboszló zijn de grootste geneeskrachtige baden en
stranden van het land. In Ráckeve is een Grieksorthodox Servische kerk
met bijzonder mooi byzantijnse fresco's. In het centrum staat het Savoyai Kasteel
dat deels een hotel is. Musea met vele soorten van kunst(moderne-,volks-) zijn
te vinden in heel veel plaatsen. Maar ook het Paprika museum in Kalocsa of het
Speelgoedmuseum in Kecskemét. Festivals en andere evenementen vinden
voornamelijk plaats in de zomermaanden en op diverse plaatsen. Op ongeveer 10
kilometer ten zuiden plaats Kiskunhalas lit het plaatsje Kunfehértó.
Bij dit plaatsje ligt een meer en aan de oevers van dit meer is een soort vakantiepark
gebouwd. Op dit park hebben aantal huisjes en bij het meer kunt u verschillende
vormen van waterrecreatie doen en ook zijn er tal van voorzieningen voor het
uitgaansleven. De Tisza ia na de Donau de tweede rivier van Hongarije. Doordat
het water niet snel stroomt, heeft het meer zomers een aangename temperatuur
van ongeveer 25 graden. Op het meer kunt u uitstekend zeilen en surfen en op
de daartoe aangewezen plaatsen ook waterskiëen. Bovendien is dit het enige
meer in Hongarije waar het is toegestaan met motorboten te varen. Houdt u van
vissen , dan is de kans groot dat u een vis aan de haak slaat. Tiszafüred
is het culturele en toeristische centrum van deze streek met een aantal musea
en kerken. Sarud is een klein dorp vlakbij het kunstmatige meer van Kisköre.
Andere bekende plaatsen aan het meer zij Abádszalok, Kisköre en
Tiszavalk.
|